25 jan 2021

Allergie, een aandoening die duur kan uitvallen

 

Pollen, huisstofmijt, zuivelproducten, cosmetica, ... Bijna 1 Belg op 5[1] heeft last van allergische reacties. Allergieën kunnen beperkt zijn tot drie moeilijke weken per jaar, maar kunnen ook chronisch en permanent zijn. Allergische reacties hebben dan een impact op ons dagelijks leven en beperken onze handelingen, onze job of onze vrijetijdsbesteding.

Tegenwoordig zijn er gelukkig passende behandelingen en maatregelen die de levenskwaliteit van allergiepatiënten aanzienlijk verbeteren. Maar die kunnen wel zwaar doorwegen op het budget.  

Allergieën beter begrijpen, dat slaat zowel op het toepassen van de juiste vermijdingsmaatregelen als het nemen van de juiste beslissingen voor je gezondheidsbudget.

 

Wat is een allergie?

Ons lichaam wordt voortdurend geconfronteerd met externe vijanden: microben, virussen, bacteriën. Ons lichaam heeft gelukkig een krachtig wapen: het immuunsysteem, dat in de meeste gevallen in staat is om deze aanvallen uit te schakelen.

Echter, om nog onbekende redenen kan dit soms toch mislukken. In plaats van ons te verdedigen tegen een daadwerkelijke aanval, gaat het immuunsysteem ineens in overdrive. Het begint te reageren tegen vreemde stoffen die allergenen worden genoemd en die normaal gesproken onschuldig zijn, zoals pollen, stof, bepaalde voedingsmiddelen en parfums. Een van de gevolgen van deze reactie is de productie van specifieke antilichamen genaamd Immunoglobuline E (IgE).

Allergieën veroorzaken verschillende symptomen zoals astma, hooikoorts (rhinitis), conjunctivitis (ontstoken slijmvlies van het oog), eczeem, netelroos of zelfs een allergische shock (anafylaxie). Een reactie komt voor wanneer het lichaam het allergeen "ontmoet", hetzij door eten of drinken, inademen of contact met de huid. Dit leidt tot een afstotingsreactie van het immuunsysteem, dat de gegeten, gedronken, aangeraakte of ingeademde substantie als een vijand beschouwt.

Het lichaam zal dan zijn verdedigingssysteem activeren, dat – afhankelijk van de persoon – zal reageren met een overreactie van:

  • de longen (astma, allergische bronchitis);
  • de neus (allergische rhinitis);
  • de ogen (conjunctivitis);
  • de huid (eczeem, netelroos);
  • de binnenkant van de mond en de keel (angio-oedeem);
  • het hart en de bloedvaten.

De allergische persoon is in perfecte gezondheid zolang hij niet in contact komt met een van de allergenen die zijn immuunsysteem niet goed kan verwerken.[2]

 

Hooikoorts, de seizoensgebonden allergie

Astma of bronchitis zijn intenser tijdens de bloeiperiode van planten met allergene pollen. Bomen, grassen en andere kruidachtige planten geven tussen januari en september stuifmeelkorrels af in de lucht die de luchtwegen (neus, keel, longen) en de ogen kunnen irriteren. Het is uitzonderlijk dat men allergisch is voor alle pollen, maar het kan voorkomen.

Hooikoorts (pollen- of stuifmeelallergie) is per definitie een seizoensgebonden aandoening, vandaar het belang om de pollenkalender van je regio te kennen. Dit is de beste manier om extra maatregelen te nemen wanneer het pollengehalte toeneemt.
 

Waar kan ik een pollenkalender vinden?

Een pollenkalender, op basis van permanente observatie van pollen in de lucht, is gratis beschikbaar op de website van Sciensano. Zo weet je wanneer je je meer moet beschermen. Meer info op https://airallergy.sciensano.be/nl.

 

Pollenallergie ontstaat wanneer pollen in de lucht in contact komen met de luchtwegen en de ogen. Het immuunsysteem van een allergische persoon gaat in dat geval overreageren en histamine vrijgeven. De bloedvaten worden wijder, met niezen, een loopneus en tranende, jeukende ogen als gevolg.

 

Luchtwegallergieën: de verspreiding van omgevingsfactoren

We weten nog steeds te weinig over waarom mensen gevoelig zijn voor allergieën. De wetenschap heeft genetische factoren geïdentificeerd zoals bijvoorbeeld atopie: een erfelijke aandoening waarvan de verschillende klinische verschijnselen (atopische dermatitis, allergische rhino-conjunctivitis, astma) bijna 1 op 3 mensen treffen[3].

Maar het zijn vooral de omgevingsfactoren die de oorzaak zijn van de meest voorkomende allergieën. Een concreet voorbeeld: als je moet hoesten in de buurt van een kampvuur of een roker, dan vertoon je een allergie voor de ontbindende elementen van het verbrandingsproces. In principe werkt deze soort allergie op dezelfde manier, door de inademing van deeltjes die aanvallen kunnen uitlokken.

Er leven veel allergenen in onze woningen: huisstofmijten in beddengoed, tapijten, gestoffeerde meubels, huidschilfers van huisdieren of schimmels. Zozeer zelfs dat we het vandaag over echte binnenluchtvervuiling hebben. Zo is er wat betreft astma een verband gelegd tussen de verstedelijking en de toename van het aantal patiënten, maar de aard van dit verband is nog steeds moeilijk te verklaren.[4]

Ook onze werkplek is een broeinest van allergenen waar we blootgesteld worden aan irriterende chemicaliën zoals verf, lijm of luchtbevochtigers.

Bij sommige mensen kan het gebruik van bepaalde geneesmiddelen zoals aspirine, niet-steroïde ontstekingsremmers of bètablokkers (voorgeschreven voor hoge bloeddruk, hartziekten of bij migraine)[5] ook bepaalde allergieën veroorzaken.

Luchtwegallergieën

  • Volgens schattingen van de WHO zijn er wereldwijd 235 miljoen astmapatiënten[6];
  • 10% van de Belgen is allergisch voor stuifmeel van bomen van de berkenfamilie (berk, hazelaar, els en haagbeuk)[7];
  • 1 Belg op 5 is allergisch voor graspollen[8].

 

Voedselallergieën: een wereldwijd volksgezondheidsprobleem

Naast ademhalingsallergieën zijn er ook talrijke voedselallergieën. Een voedselallergeen is meestal een eiwit. Er zijn enkele tienduizenden voedseleiwitten, waarvan er enkele honderden allergeen zouden zijn. Een allergeen eiwit veroorzaakt een allergische reactie. Eén voedingsmiddel kan verschillende allergenen bevatten.

Enkele relevante cijfers over voedselallergieën:

  • De voedselallergie is een belangrijke volksgezondheidskwestie die al jaren toeneemt. Deze allergie treft 2 à 3% van de wereldbevolking en 6 à 8% van de kinderen[9].
  • In België verklaart bijna 1 op de 10 (9%) personen[10] een voedselallergie of -intolerantie te hebben.
  • De 3 meest voorkomende voedselallergieën of -intoleranties zijn lactose, schaaldieren en gluten[11].
  • In tegenstelling tot bij volwassenen is bij kinderen een klein aantal allergenen verantwoordelijk voor de meeste voedselallergieën: bij 59% van de kinderen gaat het om één enkel voedingsmiddel, bij 20% om twee voedingsmiddelen en bij slechts 2 à 5% van de kinderen om drie voedingsmiddelen. De meest voorkomende allergenen zijn koemelk, eieren, pindanoten, vis, tarwe, soja, noten, hazelnoten en mosterd[12].
     

Voedselallergie of -intolerantie? [13]

Een voedselallergie is een abnormale reactie van het immuunsysteem op een bepaalde stof in een voedingsmiddel. Bij gevoelige mensen kan het innemen van deze stof een allergische reactie op de huid, in de darmen of de luchtwegen veroorzaken. Jeuk, hoofdpijn, buikpijn en ademnood zijn enkele mogelijke symptomen.

Voedselallergie mag niet worden verward met voedselintolerantie, waarbij het immuunsysteem niet betrokken is. De symptomen kunnen echter gelijkaardig zijn. Een voedselintolerantie kan het gevolg zijn van:

  • een verminderd vermogen of onvermogen om een bepaalde stof (bv. lactose) te verteren;
  • het effect van bepaalde stoffen die in voedsel aanwezig zijn (bijv. histamine, tyramine...);
  • andere biologische mechanismen die specifiek zijn voor een stof, maar nog niet zijn geïdentificeerd (bv. sulfieten).

 

Contactallergieën

Contactallergieën kunnen zich voordoen in de buurt van onschuldige accessoires als ritsen of jeansknopen, die de oorzaak zijn voor allergieën aan metalen zoals hoofdzakelijk chroom en nikkel. Nikkel is te vinden in vele voorwerpen: brilmonturen, fantasiejuwelen, balpennen, spelden, bestek, deurklinken, kantoormateriaal. Chroom komt voor in leerverf (schoenen, handschoenen), cement, wasmiddelen of oogschaduw.

Cosmetica kan aan de basis liggen van veel contactallergieën. Dit is het geval met schoonheidsproducten, shampoo, badschuim, scheerschuim, nagellak, haarverzorgingsproducten, parfum. De allergische reacties volgen vrijwel onmiddellijk: eczeem, ontsteking van de huid, roodheid, netelroos, jeuk, maar ook astma en ademhalingsproblemen.

Contacteczeem treft zo’n 2 à 10% van de bevolking, afhankelijk van de studies. Maar dit aantal is wellicht onderschat: veel mensen die weten dat ze reageren op allergenen, vermijden deze en laten zich niet noodzakelijk testen[14].

 

Allergieën behandelen via de klassieke en/of alternatieve geneeskunde

Hoewel allergieën niet genezen kunnen worden, kan een goede behandeling de symptomen helpen verlichten en een goede levenskwaliteit bieden aan mensen met occasionele of chronische allergieën.

In de klassieke geneeskunde is de eerste stap de diagnose om het type allergie te bepalen. Zo kan een gepaste behandeling gekozen worden: medicatie (bv. antihistaminica of corticosteroïden), desensibilisatie (immunotherapie) of een combinatie van beide.

Naast de klassieke geneeskunde, die zich focust op symptomen, is er ook homeopathie.

Homeopathie is een therapeutische behandelingsmethode die gebaseerd is op twee principes[15]:

  • het gelijksoortigheidsbeginsel stelt dat een stof die in staat is om bepaalde symptomen bij gezonde mensen te veroorzaken, patiënten met dezelfde symptomen kan genezen, indien deze stof in heel lage doses wordt toegediend;
  • individualisatie: dit principe stelt dat de homeopathische arts rekening moet houden met alle specifieke symptomen van de patiënt en diens ziektebeeld moet vergelijken met dat van de homeopathische behandeling. Een behandeling wordt daarom gekozen op basis van de reactie van de zieke als individu en niet op basis van de ziekte.

Deze methode blijft controversieel, aangezien de doeltreffendheid ervan moeilijk vast te stellen is volgens de gangbare wetenschappelijke criteria. Het blijft echter een feit dat 45% van de Belgische bevolking gebruik maakt of heeft gemaakt van homeopathische middelen en dat deze worden voorgeschreven door één op de vijf huisartsen en aanbevolen door één op de drie apothekers. [16]

Bij een allergie bijvoorbeeld worden de symptomen geïnterpreteerd als een reactie van de patiënt op de ziekte en niet als de gevolgen ervan. Vanuit deze gedachte probeert de homeopaat de geschiedenis van de patiënt te begrijpen en stelt hij vragen over de symptomen, de gemoedstoestand en het gedrag, maar ook over de levensstijl en de eetgewoonten.

De behandeling bestaat uit het toedienen van een sterk verdunde dosis van een stof, die bij hoge doses ziekteverschijnselen zou veroorzaken.

Ten slotte worden homeopathische behandelingen, zoals acupunctuur of osteopathie, ook vaak ingezet om allergische reacties te verlichten. Geen enkele wetenschappelijke studie heeft tot nu toe een tastbaar therapeutisch verband kunnen aantonen. De praktijkbeoefenaars verklaren de pijnvermindering echter als volgt: door te werken aan de houding, het middenrif en de borstkas, zou het maximum uitademingsdebiet van de patiënten worden verbeterd. Hetzelfde geldt voor chiropraxie: een gerichte chiropractische behandeling van de nek- en ruggenwervels zou een betere werking van het zenuwstelsel verbonden aan de sinussen en de luchtwegen bevorderen.
 

Allergieën: minder duur met een verzekering ambulante kosten

27,2% van de Belgische bevolking[17] lijdt aan minstens één chronische ziekte, waaronder allergieën tot de meest voorkomende behoren. Ze vereisen een continue en gespecialiseerde opvolging. Die opvolging gebeurt vaak ambulant, er is met andere woorden geen hospitalisatie voor nodig (bv. medische consultaties). Ook geneesmiddelen voor het opsporen en behandelen van allergieën behoren tot deze ambulante kosten.

Deze kosten worden slechts gedeeltelijk terugbetaald door de wettelijke ziekteverzekering. Ze vormen dus een belangrijke kostenpost, die het hele jaar door bekostigd moet worden, soms voor meerdere gezinsleden.
 

Een belangrijk cijfer om te onthouden, is dat van de OESO: 7,5 miljard euro, dat is wat de Belgen elk jaar zelf betalen aan ambulante kosten[18].
 

Met een aanvullende verzekering die de ambulante kosten dekt, beperkt u de rekening met een uitgebreide dekking. Wat betreft allergieën komt de verzekering ambulante kosten tussen in:

  • de kosten van de diagnose: consulten en allergietesten;
  • de consultaties bij de huisarts of allergoloog voor de opvolging van allergieën;
  • voorgeschreven geneesmiddelen zoals antihistaminica en ontstekingsremmers;
  • paramedische behandelingen zoals kinesitherapie of fysiotherapie die sommige allergiegerelateerde ongemakken kunnen verlichten.

Sommige ambulante kostenverzekeringen dekken ook alternatieve behandelingen, die kunnen helpen bij het behandelen van allergieën. Homeopathische producten, bijvoorbeeld, die niet worden vergoed door de wettelijke ziekteverzekering.

DKV daarentegen bevordert de therapeutische vrijheid van de arts en de patiënt. Daarom komen wij via bepaalde aanvullende verzekeringen tussen in de uitgaven voor homeopathie, maar ook voor acupunctuur, osteopathie en chiropraxie.

 

Heb je een aanvullende verzekering nodig voor de behandeling van je allergieën? Maak een analyse van je behoeften en bereken snel je premie op DKV InsureMe.

 


[1]  20,3% van de vrouwen en 17,0% van de mannen - https://his.wiv-isp.be/nl/Gedeelde%20%20documenten/summ_HS_NL_2018.pdf (p8)

[2]   www.afpral.fr

[4] https://www.who.int/news-room/q-a-detail/what-triggers-an-asthma-attack

[5]  https://www.who.int/news-room/q-a-detail/what-triggers-an-asthma-attack

[6] https://www.who.int/news-room/q-a-detail/what-triggers-an-asthma-attack

[7] https://www.sciensano.be/nl/gezondheidsonderwerpen/stuifmeelallergie/cijfers

[8] https://www.sciensano.be/nl/gezondheidsonderwerpen/stuifmeelallergie/cijfers

[9]  http://www.afsca.be/consumenten/dagelijksleven/aankoop/controles/

[14] Tennstedt D, Herman A, Baeck M. Allergische contactdermatitis. EMC - Dermatologie 2018, 0(0): 1 (https://dial.uclouvain.be/pr/boreal/object/boreal%3A215017/datastream/PDF_01/view)

[15] https://www.fagg.be/nl/info_patienten/Homeopathie

[16]   Koninklijke Academie voor Geneeskunde - http://www.armb.be/index.php?id=1218

[17] Barnett K., Mercer S. W., Norbury M., Watt G., Wyke S., Guthrie B. Epidemiology of multimorbidity and implications for health care, research, and medical education, a cross-sectional study. Lancet, 2012.

[18] OECD Health Statistics, editie 2020, cijfers voor 2018